Dendrochronologie is de wetenschap waarbij door middel van jaarring onderzoek van boorstalen bepaald kan worden wat het jaartal is van de laatste jaarring van de betreffende boorstaal. Het is niet altijd zo dat de laatste jaarringen nog aanwezig zijn. Die laatste jaarringen kunnen eraf gehaald zijn of door de tijd sterk door houtworm aangetast.  zonder deze buitenste jaarringen kan het precieze jaar dat de boom geveld is niet bepaald worden. 
Over het algemeen werden de gevelde bomen voor bintwerken van boerderijen gekantrecht, getransporteerd en vrijwel direct gebruikt. Daarmee kan worden gesteld dat een bintwerk over het algemeen binnen een jaar na het vellen van het hout zal zijn opgericht. 
Als de boom alleen maar gekantrecht werd en verder niet verzaagd is, komt het veel voor dat op de hoeken de buitenste jaarring van de boom nog te vinden is en het jaartal van vellen precies te bepalen is. 
Oorspronkelijk werden de bomen heel sterk gekantrecht. Er was hout genoeg en men wist dat het buitenste gedeelte van het hout, het "spint" erg houtworm gevoelig was. Bij eiken is de spintlaag maar relatief dun. Iets van 25 jaarringen. Bij grenen kunnen dat er ruim meer dan honderd zijn.
Er was zo verschrikkelijk veel hout nodig voor de scheepsbouw en huizenbouw in de steden dat er al rond 1600 een houtschaarste was. Er waren ook al echte houtplantages.