14 mei 2016
Het blad Fryslân van het Friesch Genootschap opent deze maand met mijn onderzoek op de voorpagina. Ik ben zeer vereerd. De belangstelling voor het historische erfgoed leeft enorm in Friesland. Ik hoop, door het onderzoek dat ik doe, een steentje bij te kunnen dragen aan de kennis van het historisch erfgoed en hopelijk ook in de discussie rond de teruggang van het aantal boerderijen. Wat je niet kent kun je niet herkennen! Ik blijf er maar op wijzen dat 
de historisch belangrijke boerderijen niet per se de grootste en imposantste gebouwen hoeven te zijn. Er liggen veel pareltjes verstopt in het landschap en als je niet  oppast of niet beter weet gaan ze zomaar verloren.



17 april 2016
 
Inmiddels zijn 273 houtstalen ingemeten. gemiddeld hebben ze 113 jaarringen.
Er liggen nog heel wat stalen te wachten op het inmeten. Ik heb de stalen van de eerste 17 boerderijen die ik geboord heb (2014) en die naar het laboratorium van Pressler in Duitsland zijn gestuurd, ingemeten. Van een aantal van die stalen is het jaartal van het kappen bekend of bij benadering bekend. Dat kan dus mede dienen als ijkpunt voor de andere stalen. Het programma dat ik ontwikkel om tot dateringen te kunnen komen vordert gestaag. Het is een mega klus. Misschien wel wat te groot voor 1 persoon. Het gevolg is dat de boerderij eigenaren langer moeten wachten voordat ze iets horen over hun boerderij. Als ik het echt zorgvuldig wil doen kan het gewoon niet sneller. Als eerste moet ik nou het programma onderdeel ontwerpen en schrijven waarmee ik op eenvoudige manier de grafieken kan vergelijken waarvan het programma aangeeft dat er een overlap moet zijn. Je moet altijd visueel controleren. De moeilijkheid bij grenen is dat er jaarringen kunnen  ontbreken. Het komt voor dat een jaarring mist. Daarom moet het programma ook gedeelten van de stalen kunnen vergelijken zodat het zichtbaar wordt als ergens een jaarring ontbreekt. Erg technisch allemaal! 
 
 

4 april 2016
 
Het onderzoek zoals dat nu plaatsvind heeft als adagium "Digitaal documenteren als vorm van behoud". dat betekent dat er bij het boerderijenonderzoek inmetingen van de bintwerken en het grondplan van de schuur worden gedaan, er worden veel foto's gemaakt en verder boorstalen voor een dendrochronologische ouderdomsbepaling afgenomen. De analyse van de boorstalen door derden is een kostbare zaak. Daarom wordt er gewerkt aan een programma en methode om een eerste ouderdomsbepaling zelf te kunnen doen. Het is van het grootste belang om een "dendrotheek" van Friese boorstalen aan te leggen. Hoe meer stalen hoe meer kans op een juiste datering van het hout. Het valt niet te voorspellen of het zal lukken om zelfstandig dateringen te doen. De eerste resultaten zijn weliswaar bemoedigend maar niet meer dan dat. Het is niet de bedoeling om dendrochronologische analyse voor derden te doen of een dendrochronologisch laboratorium te beginnen. Noch pretendeer ik dendro-chronoloog te zijn of te worden. In feite verzamel ik zo veel mogelijk boorstalen als onderdeel van het onderzoek naar bintwerken. Het verzamelen van de boorstalen is erg belangrijk. De houtstalen blijven in principe in Friesland en kunnen nu maar ook later nog door derden geanalyseerd worden.



12 maart 2016
 
 
Dankzij een oproep van de Boerderijen Stichting Fryslân hebben zich recent ruim 30 boerderij eigenaren aangemeld voor onderzoek.
Met het tiental boerderijen die al op de lijst stond is dat een fantastische zaak.
Het zoeken en vinden van boerderijen is een tijdrovende klus en met deze aanmeldingen kan er veel sneller onderzoek plaatsvinden.
 
Tot dusverre wordt er in het onderzoek geen onderscheid gemaakt of een boerderij nou 19e, 18e, of 17e eeuws is. Het blijkt namelijk dat met name in de 2e helft van de 19e eeuw, zeg rond 1870 erg goed hout gebruikt werd voor de bouw van de boerderijen. Het vermoeden is dat dat komt omdat hout schaarser werd en de prijsstijgingen ertoe hebben geleid dat ook noordelijkere gebieden en lastiger te bereiken terreinen de moeite waard werden om te ontginnen.
Dit fijnere hout heeft veel jaarringen, wel tot 400!, en dat is voor het dateren van ander stalenmateriaal heel goed te gebruiken.
 
In totaal zijn er 125 boerderijen ingemeten en gefotografeerd en is bij 95 objecten stalen materiaal afgenomen.
Meestal betreft dat tussen 50 en 100 foto's, 50-70 meetgegevens en tussen de 5 en 10 stalen per object.
 
De inmeet gegevens worden in een spreadsheet ingevoerd en kunnen daardoor goed met elkaar vergeleken worden. Allerlei bouwvormen uit bepaalde periodes worden daarmee zichtbaar en snel te herkennen. De eerste ontdekking was de relatie tussen het grondbeslag van een boerderij en het volume van de hooiberging in de "golle".  Over de jaren verbeterde de grond en nam de hooiopbrengst toe. Op grond van deze relatie van grondoppervlak en hooiberging is behoorlijk goed te achterhalen hoe oud een gebouw is. De inmeet gegevens hebben ook laten zien dat sommige aannamen beslist niet juist zijn. De verwachting was dat er ook een relatie zou zijn tussen de afmetingen van de stallen en de ouderdom van het object. Het vee werd namelijk groter over de tijd.  Je kunt wel stellen dat een smalle stal van 180 cm. breed van voor 1700 is en een brede stal van 240 cm. van na 1800 maar verder komen alle maten door elkaar voor.  Stallen zijn binnen een gebouw ook vaak van ongelijke breedte en de verklaring daarvoor is waarschijnlijk dat het vee ook nooit van gelijke maat is en zo kan er zuiniger met de ruimte om worden gegaan. De dikkere koeien in de bredere stallen en de kleinere koeien in de smalle stallen.
 
De grote aantallen foto's, inmiddels meer dan 15.000!, Dienen meerdere doelen. Eersten wordt daarmee vastgelegd hoe een gebouw er uit ziet maar er zijn ook veel details te vinden op de foto's aan de hand waarvan iets over de periode van bouw van het object gezegd kan worden. Welk type hakkelbout werd er gebruikt, hand gesmeed of al gedeeltelijk machinaal? Wat voor spie zit er in de hakkelbout met spiegleuf? heeft de spie al een rondje met gat zodat deze vast gespijkerd kan worden. Waar zitten de overgangen in het draaghout precies en welke verbinding is er gebruikt.......En zo voort, tientallen details die hun verhaal vertellen.
Er ontstaat ook een flinke collectie van foto's met merktekens die in de balken staan gebeiteld of gesneden. De telmerken, vlotmerken, timmermansmerken, eigenaarsmerken, transportmerken, sporen van hergebruik enz enz. 
De foto's kunnen wellicht ook gebruikt worden om boerderijen digitaal te reconstrueren.